vrijdag 16 november 2012

Lieve Vader in de hemel


Lieve Vader in de hemel.

Vanochtend vroeg ik: leer mij kijken;
maar van wat ik zag, trok ik me niets aan.
En vanavond hoop ik vergeving te bereiken,
voor wat ik dus heb fout gedaan.

Waarom nog, Heer, zou ik U vragen,
waarom nog, Heer, hoort U mij aan?

Morgen vraag ik om Uw leiding,
maar ik weet, dat ik niet volg Uw raad...
En die avond zal ik vragen om vergeving,
voor alweer menig foute daad.

Waarom nog, Heer, zou ik U vragen,
waarom nog, Heer, hoort U mij aan?

Daarom wil ik U nú eens vragen,
om bij mijn zwakheid stil te staan:

Leer mij U te accepteren, 
te berusten in Uw wil.
Leid mij, Vader, op al m’n wegen
en laat mij zijn in eerbied stil.

Maak dat mijn wegen de Uwe zijn.
Want in al mijn zwakheid, Heer,
weet ik dat ik alléén van U kan zijn,
van Ú en niemand anders meer!

Spreuk van de dag

Spreuk van de dag

Wijs uw vrienden onder vier ogen terecht, maar prijs ze in het openbaar.

donderdag 15 november 2012

Even een paar Kcal's verbranden....

850 Kcal verbranden,


...in minder dan een half uurtje....

Spreuk van de dag

Spreuk van de dag
In a garden I didn't know I saw roses in the snow.
I wished to be that gardner. 
Although: what fool grows roses in the snow!



zaterdag 10 november 2012

Twee treinen

Ik zat eens naar mijn beeldscherm te kijken.
Al een poosje had ik een bepaald stukje in m’n hoofd met als thema: christenen naast niet-christenen. Ik stelde mijzelf daar een beeld van voor. Hoe staan wij als christenen in de maatschappij en hoe staan niet-christenen naast ons, christenen. Hoe maken zij hun keuzes?

Ik had een 'plaatje' voor me van twee sporen naast elkaar en een rode rijdende trein.
Langzaam wordt die trein ingehaald door een andere, witte trein en als ze naast elkaar rijden, remt de witte trein af, tot hij op dezelfde snelheid rijdt als de rode.
De rode trein heeft aan beide zijden deuren die open staan en de witte heeft alleen openstaande deuren aan de zijde van de rode trein.
Ik zit in de rode trein en zie af en toe mensen van de ene trein naar de andere springen. In die witte trein zitten mensen die er allemaal enigszins gelukkig of vrolijk uitzien en de lampen in die trein zorgen voor een flinke berg licht. In mijn trein brandt slechts hier en daar een storend flinkerende lamp, die veel te weinig licht geeft.
Ik wil wel naar die witte trein toespringen, maar ik durf niet. Ik zie het andere mensen doen.
Kijk! Die mevrouw naast me! Die stond op en liep naar de deur. Ze keek naar beneden, waar ze het spoor onder zich voorbij zag flitsen. Ze keek weer naar die open deuren en opeens was ze aan de andere kant, in de witte trein. Ik twijfel. Ik wil wel, maar stel je voor dat ik uitglij. Je zal net zien dat MIJ dat overkomt. Ik kijk uit het raam en weet dat de beide sporen ergens in de verte uit elkaar zullen gaan. De rode trein rijdt door en de witte gaat langs kronkelwegen naar boven, tegen een berg op. Toch lijkt het, als ik zo naar de horizon kijk, of ze wel uit elkaar gaan, maar ergens aan de horizon toch weer bij elkaar komen. Of is dat maar gezichtsbedrog?
Dan hoor ik ineens iemand mijn naam roepen. Ik draai me om en kijk weer naar de dichtstbijzijnde deur. Daar staat, in de witte trein, iemand in wat lijkt op een witte jurk ofzo. Diegene steekt de hand uit en roept nog eens mijn naam. Ik sta op, loop voorzichtig in de richting van de deur, maar blijf in de opening staan. Ook ik kijk naar beneden en zie de spoorrails gevaarlijk snel onder me voorbij flitsen. Ik durf niet, maar ik wil óh zó graag... En dan opeens...sta ik in de witte trein. Ik wordt luid verwelkomd met hoera-geroep en geklap. Her en der kloppen mensen me op de schouders, maar ik weet dat ik niet gesprongen ben en al dat verwelkomende geschouderklop dus niet verdien. Ík was het niet, die sprong. Integendeel: degene in die ‘witte jurk’ heeft me naar zich toegetrokken. Ik wil dat uitroepen, maar ik ben zo blij dat ik nu daar ben, dat het er niet van komt. Ik laat dan ook de feestvreugde in de witte trein maar gewoon over me komen en ik geniet ervan.
Eenmaal zittend op één van de zachte banken kijk ik uit het raam. Ik zie die rode trein naast ons rijden. Kijk! Daar zat ik zonet nog. Dáár, op díé plaats. En dan opeens, terwijl ik daar zat te kijken, zie ik door het raam ineens iemand van de witte trein overspringen naar de rode. Ik hoor stemmen van verdriet.
En zonder het in de gaten te hebben, merk ik dat ik huil om diegene. Ik voelde ook zomaar verdriet omdat die weer terug naar de rode trein sprong.
Ik roep hem. Ik probeer hem hier te houden, te bewegen weer terug te komen en terwijl ik dat doe, bemerk ik voor mezelf een zekere herkenning. Ik kende die sprong....
Jaren daarvoor deed ik hetzelfde...sprong ook terug naar die andere, zo bekende trein.
En opeens begrijp ik, waarom ik in die witte trein zit! Opeens begrijp ik wat mijn doel is, waarvoor ik op deze aarde ben! Het is plotseling, als donderslag bij heldere hemel, duidelijk waarom die witte trein net zo langzaam rijdt als die rode. Het is de bedoeling, dat ik er alles aan doe om te laten zien hoe mooi en fijn en behaaglijk het is in mijn ‘nieuwe’witte trein! Het is de bedoeling dat ik zoveel mogelijk mensen help om, net als ik, over te steken.

En dan zie ik langzaam de rode en witte trein elkaar verlaten. Aan de voet van een berg splitsen de sporen zich en de rode rijdt naar links weg. Nu kan ik hem niet meer zien, de berg zit ertussen en we gaan langzaam omhoog, tegen de berg op....

Dit verhaal had ik al enkele dagen in mijn hoofd en ik had het uitgewerkt om het misschien eens te plaatsen op m'n weblog.
Die zondagmorgen in de kerk sprak er een voorganger die luistert naar de naam Jan.
Dat is alles wat ik van hem weet.
En die voorganger... vertelde MIJN verhaal! Ik had het zelf verzonnen/bedacht. En nog tegen niemand gezegd. Ook nog niet geplaatst. Hij kón mijn verhaal op geen enkele wijze kennen!

Na de dienst wilde ik hem aanspreken. Wílde ja, maar ik durfde niet..
Tamelijk van mijn stuk gebracht ging ik naar huis, niet goed raad wetend met wat me zojuist was overkomen; niet goed wetend wat ik hiervan moest denken.....

Sebo

Spreuk van de dag

Spreuk van de dag


Jammer dat mensen geen problemen kunnen ruilen. 
Iedereen weet namelijk hoe hij die van een ander moet oplossen.

donderdag 8 november 2012

Welkom op
de nieuwe website


Hier kunnen jullie weer meegenieten van alle krabbels, schrijfsels,
filmpjes en andere zaken, die mij bezighouden...


Voor contact:
sebohilberts @ live.nl

Onder elk artikel staat "opmerkingen". 
Daar kun je reageren of in het "gastenboek" hier rechts.

dinsdag 6 november 2012

Kaboutertjes...


Kaboutertje

Met een puntmuts op hun koppies
vaak een kruiwagen in de hand.
Ze lijken helemaal in hun noppies
en je vind ze overal in ‘t land.

In vele tuinen, langs de wegen
houden ze stilletjes de wacht.
Ze staan in weer en wind en regen
hun uitdrukking vaak heel zacht.

Lieve kleine kereltjes,
kabouter is hun naam,
Geduldig voeren zij de mereltjes
en verwerven zo grote faam.

Voor ons lijken ze heel klein,
maar trots staan ze altijd in de regen.
Zou het nou niet fantastisch zijn
als ze iets meer waardering kregen?

Voor David...



maandag 5 november 2012


Ik zat bij een vriend van mij te praten met iemand over het geloof, zoals ik dat ken.
“Hoe ken je dat nou doen, mán? Dat is toch helemaal niets voor jou?! Jij kan jezelf toch beter dan deze onzin te geloven? Dat is toch een vèt zwaktebod, hoor?!!
Ik vertelde hem dat ik juist vond dat het niet zozeer een zwaktebod was, als wel een teken van moed. Moed om allereerst voor mijzelf, maar ook naar anderen toe en vooral ook naar de Here God te erkennen dat ik het niet alleen kon. Dat gebeurde in mijn geval niet uit wanhoop of een plotseling opkomende hulpbehoevendheid. Integendeel: ik was best gelukkig op dat moment, zo vertelde ik hem.

We spraken zo nog een poosje en ik vond zijn taalgebruik best vermakelijk; waar kèn moet staan, zette hij kan of kon. Zo van: “Hey man! Ik kan jou nog wel van toen-en-toen. Maar toen kon ik B... nog niet.”
Later, naar huis wandelend, dacht ik hier over na en kwam, in mezelf glimlachend, tot de volgende slotsom:


Tussen Kennen en Kunnen

In Amsterdam hoor je vaak de verwarring tussen deze twee woorden.
Men zegt daar wel: “Ik kan jou wel, maar hem kon ik niet.”  En als men iets niet kan, zegt men vaak: “Dat ken ik niet..”

Een vreemde taalverbastering...
Toch zijn het wel degelijk twee hele belangrijke woorden die in een hele specifieke volgorde bij elkaar horen.
Iets niet kunnen betekent niet dat je het ook niet kent, maarr...als je iets niet kent, kún je het zéker ook niet!

Hoe zou ik Jezus kunnen volgen, als ik Hem niet ken?
Hoe zou ik Zijn weg kunnen gaan, als ik Hem niet ken? Dan kan ik toch ook nooit weten wát Zijn weg is.
“..De weg van de vrede kennen ze niet,” (Rom. 3:17)

Natuurlijk zou ik erop kunnen gokken en het zekere voor het onzekere nemen...
Wie weet: baat het niet dan schaadt het niet...
En dus: “.... een altaar met het opschrift: “Aan de onbekende god”. (Hand 17:23 Paulus in Athene)
Je weet maar nooit waar het goed voor is, toch....?!

“Maar hoe kunnen ze Hem aanroepen als ze niet in Hem geloven? En hoe kunnen ze in Hem geloven als ze niet over Hem hebben gehoord? En hoe kunnen ze over Hem horen als Hij niet verkondigd wordt?” (Rom.10:14)
En als ik nou intussen vaag iets gehoord heb over Jezus en dat staat me wel aan?
Ik moet Hem dan wel eerst verder leren kènnen. Dat betekent dat ik kennis met Hem moet maken.
Paulus zorgt in Athene voor zo’n kennismaking. Hij introduceert de Here Jezus bij hen, die Hem niet kennen.
“Wat u vereert zonder het te kennen, dat kom ik u verkondigen.” (Hand. 17:23, Paulus in Athene)

Vervolgens leer ik Jezus kennen.
Wat betekent dat? Ik leer te begrijpen, waar Jezus voor staat, wat Hij gedaan heeft en waarom. En wat ik hoor staat me wel aan. De rust die van Hem uitgaat is voelbaar! Ook al is Hij niet meer lijfelijk onder ons, tóch voel ik wat Hij in de mensen doet, die Hem aanhangen. Ik wil dat ook wel, ik wil die rust en die vrede waar ‘ze’ het over hebben ook wel eens voelen. Niet dat ik ongelukkig ben, maar dìt is toch wel héél anders...
En dan komt het moment van bekering. Het moment, dat ik besluit om ‘de leiding uit handen te geven’, omdat ik besef dat ik het niet alleen ken...uhhh..kan.
Voortaan wil ik me laten leiden door wat Jezus zegt. Alleen....hoe doe ik dat? Ik weet immers eigenlijk nog niets. Nazorg, of liever gezegd onderwijs is wat ik nodig heb. Kennis opdoen over de wil van de Here God. Het leren kennen en begrijpen van de Weg, de Waarheid en het Leven, dát is nu van levensbelang geworden.
En ook daarvoor wordt zorg gedragen:
“Houd hun dit voor, zodat ze een onberispelijk leven kunnen leiden.” (1 Tim 5:7 )

En zie daar: Het leren ‘kènnen’ van Jezus is voor mij begonnen!
Bijna automatisch volgt dan natuurlijk het grote doen dat een vrij logisch gevolg is van het ‘kúnnen’...
Het valt mij op, dat bij het leren kènnen vooral sprake was van derden, van mensen die mij over Hem vertelden.
Bij het ‘kúnnen’ echter zo lijkt het, komt het veel meer op mijzelf aan!
“5 Span daarom al uw krachten in om uw geloof te verrijken met deugdzaamheid, uw deugdzaamheid met kennis, 6 uw kennis met zelfbeheersing, uw zelfbeheersing met volharding, uw volharding met vroomheid, 7 uw vroomheid met liefde voor uw broeders en zusters, en uw liefde voor uw broeders en zusters met liefde voor allen.”
(2 Petrus 1: 5-7)
En dus: nu ik Hem kèn, zou ik Hem moeten kúnnen volgen...

Maar.. dat gaat zeker niet altijd zonder slag of stoot! Niet voor niets luidt een gezegde: “..struikelend achter Jezus aan”
Ik ben nl. nou niet bepaald iemand die zomaar klakkeloos alles aanneemt, maar naar leidinggevenden binnen en/of buiten de kerk bijna zonder uitzondering luistert met een zeer kritisch oor.
Tsja..en dan is daar nog die bijbel, het woord van God. Oh Mèèn, wat leest dát moeilijk! En is alles wat daar instaat wel waar, is het allemaal precies zo gebeurd, als het er staat? Letter voor letter?
En ja hoor, ook dáár geeft de bijbel zèlf het antwoord:
“16 Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven. (2 Tim. 3:16 NBV)
Daar staat dus gewoon letterlijk dat de Here God de bijbel, Zijn Woord, niet gediktéérd heeft, maar de mensen Zijn boodschap als het ware gewoon ingegeven heeft. Ze hebben de dingen in hun eigen bewoordingen opgeschreven naar eigen beste kunnen, in hun eigen tijdse handschriften, culturen en tradities e.d. Maar blijkbaar altijd met als Grote Inspiratiebron de Here God zèlf!

En op één of andere manier maakt, het Woord van God op deze manier kènnende, dat ik het in mijn persoonlijk leven kàn toepassen! Dat staat er ook: “...kán gebruikt worden..” Dat heeft dus met een vrije keus te maken. Ik hoef me niet in allerlei bochten te wringen naar derden toe, als het gaat om de extactheid van het Woord. In feite gaat het nl. alleen om de essentie van de boodschap en dus niet om het al dan niet kloppen van een detail....
Door zó naar het Tweesnijdend Zwaard (het zwaard van de Geest, God’s Woord) te kijken kàn ik de keus maken om de essentie van het Woord, de boodschap (!), als leidraad te volgen bij het streven naar een “..deugdzaam leven”.

Tsja..en zo is dan het gedachtencirceltje rond:
door Zijn Boodschap, Zijn Woord, Zijn Zwaard van de Geest, te kènnen, kàn ik Hem volgen. Dat is een vrije keuze! Één die ik ooit gemaakt heb. Éen waar ik nooit spijt van gehad heb of ooit van zal hebben! Integendeel: door deze keus te maken, is mijn persoonlijk leven, in zowel maatschappelijke als in geestelijke zin zó ontzettend veel gemakkelijker, completer en mooier geworden in zo ontzettend veel opzichten........

Wees gezegend in Zijn warme deken van Liefde,

Sebo Hilberts

vrijdag 2 november 2012

Een ontbijtje en zomaar een gedachte...

Een ontbijtje en andere zaken

07:00 uur... Langzaam wakkerwordend bemerk ik het geluid van dikke regendruppels op het schuine dak van ons slaapkamertje. Heel voorzichtig raak ik even lichtjes de arm aan van mijn lief, die daarop op haar rug draait. “Yès!”, denk ik en kruip snel lekker dicht tegen haar aan, vóór ze zich misschien weer wegdraait...
“Nog heel eventjes..”, denk ik bij mezelf, “..dan ga ik eruit om een lekker ontbijtje te maken..”
Dat ‘heel eventjes’ werd echter toch nog een uurtje of zo maar ja, laten we eerlijk zijn: fris en monter en fier als een atleet uit bed springen als je nèt lekker tegen je lief aan ligt? ‘Túúrlijk! Dàt gelooft je toch zeker zèlf niet?!!

Eenmaal tegen 08:00 uur beneden gekomen was mijn eerste gedachte: “koffie!” en genietend van  een reuze beker met dat zwarte spul ben ik maar eens bezig gegaan met een heerlijk ontbijtje voor op bed. Vers geperste sinaasappelsap, twee halfzacht gekookte eieren (dubbeldooiers), geroosterde boterhammen incl. drie/vier soorten beleg, roomboter en natuurlijk koffie(!). Zo voorzichtig mogelijk balanceerde ik de hele boel de smalle, stijle wenteltrap op naar boven, waar een genoeglijk ‘snurkje’ aangaf dat er langzaam iemand wakker begon te worden. Vervolgens de rugleuningen omhoog, bedtafeltje uitklappen en dienblad weer oppakken. Gelukkig ging alles goed en werd het  niet letterlijk een ‘ontbijt-op-bed’.... En zoals dat bij ons gebruikelijk is, moet er na elke maaltijd eerst even  een poosje ‘uitgebuikt’ worden....ahúm.
Zodoende waren we rijkelijk laat beneden, wat uiteraard de schuld is van mijn vrouw..vind ik.
Maar goed, eenmaal achter de toetsen, bedenk ik hóé gezegend wij eigenlijk zijn! Na 46 jaar en 44 jaar alleen te zijn geweest een partner vinden zonder echt gezocht te hebben en dan óók nog één, die in heel veel zaken op dezelfde lijn zit.
Ikzelf voel dit wel eens aan, alsof ik pas tóén door de Heer geschikt bevonden werd om haar partner te mogen zijn. Zeg maar: dat de Here God ons voor elkaar bedoeld had, vèr voor we zelf überhaupt aan een partner dachten, maar dat Grétha ‘in de wacht gezet’ werd, ‘bewaard’ werd totdat ik goed genoeg was in de ogen van de Heer. 
Goed genoeg..Dat wil zeggen: Hij wilde Zijn Greetje niet laten trouwen met een jongen die nog zo vol haat en woede zat. Nee, die jongen moest eerst diezelfde rust gevonden hebben, die zo belangrijk is voor àl Zijn kinderen. En zie daar: drie-en-half jaar mogen we elkaar al liefhebben. Dat lijkt opzich niet echt veel, maar als je daar de tijd tegenover zet die we beiden alleen zijn geweest, is deze korte periode in zichzelf al een hele prestatie!! Zeker, als je begrijpt wat er in die korte tijd allemaal gebeurd is: ziektewet, baan kwijt, hartoperatie, bijna doodgegaan, zware huidproblemen, chronische slijmbeurs-ontsteking gevolgd door dubbele operatie, nog steeds erg slechte schouder, enz. enz. enz.....

Geloof me lieve lezers, we zijn trots dat we alle dingen aankonden/kunnen, maar we zijn niet zo arrogant, te denken dat we het wel alleen kunnen, zonder de Heer!!!



donderdag 1 november 2012

The Lord is my Shepherd

psoriasis/constitutioneel eczeem

Al m'n hele leven heb ik last van eczeem.
Zo'n 20 jaar lang is het bijna weggeweest, maar sinds eind 2008 is het in steeds verergerende mate teruggekeerd. Voor het eerst in járen kwam ik weer eens bij een dermatoloog.
In eerste instantie dacht men aan "seborroïsch eczeem", omdat het zich aanvankelijk voornamelijk op het hoofd en gezicht manifesteerde.
Hé...zou dat iets met mijn naam te maken hebben: Sebo..hihi..?
Hieronder de betekenis/effecten van seborroïsch eczeem:

'Seborroïsch eczeem' of eczema seborrhoicum is een schilferige aandoening van de huid. De huidcellen delen zich vele malen sneller dan gebruikelijk en afgestorven cellen laten in kleine droge plakjes los: de schilfers. Meestal zijn er een of enkele plekken op het hoofd die vrij scherp begrensd zijn met daarnaast normale hoofdhuid. Het kan jeuken maar verder is het onschadelijk. De symptomen manifesteren zich op zichtbare plaatsen (zoals het aangezicht) wat erg vervelend kan zijn.


Maar helaas; na enige tijd breidde het zich uit naar andere delen van m'n lijf en voor ik er erg in had, zat ik er helemaal onder. 

Af en toe is het iets minder en lijkt het zelfs goed te gaan, maar op zeker moment komt het dan in alle hevigheid terug; meestal erger dan daarvoor. Zo erg zelfs, dat ik door een combinatie met een astma-aanval in de winter van 2008/'09 met spoed opgenomen werd in MST Enschede.
Vanaf dat moment werd ik helaas weer 'kind-aan-huis' in het ziekenhuis...

Nu, vier jaar en vijf dermatologen later (ze volgen elkaar blijkbaar in ras tempo op), is het overduidelijk dat de aandoening die ik heb 'constitutioneel eczeem' heet. De symptomen zijn vrijwel dezelfde als bij 'seborroïsch', maar dan over het gehele lijf.

Het rampzaligste (stom woord: ramp-zalig...) in mijn aandoening is toch wel de jeuk. Die kan zo verschrikkelijk zijn, dat ik werkelijk tot wanhoop gedreven wordt en totaal radeloos wordt van het krabben! Uiteraard met als resultaat, dat de huid vuurrood is, onder de wondjes zit, bloed aan de vingers van het krabben en, even later, onder de korstjes en natte wondjes zit. 
Naast al dat 'nerveus aandoende gekrab heb ik dan dus ook nog eens te maken met een kapot gekrabde huid, hetgeen nou niet bepaald representatief overkomt. Resultaat dáárvan is weer, dat ik me dan min of meer van de buitenwereld afsluit, liever niet naar buiten ga, of, als ik dat wèl doe, eerst mezelf zoveel mogelijk bedek. Zomer of geen zomer, dat doet er niet toe.

Het moge duidelijk zijn: 'jeuk' is de vloek van de aandoening en zorgt voor een intens gevoel van wanhoop, radeloosheid, teleurstelling, een dramatische daling van gevoel van eigenwaarde, en, niet te vergeten, een in jezelf gekeerdheid die maakt dat je je intens eenzaam en onbegrepen kunt voelen...


De belangrijkste drijfveer om tòch door te gaan (soms wil ik dan het liefst maar gewoon dood zijn), is de liefde en het medeleven (níét te verwarren met medelijden!) van dierbare vrienden en familieleden. Zo heb ìk mijn vrouw, die ik in 2008 leerde kennen, die mij meer dan liefdevol verzorgt en me telkens opnieuw voorhoudt "dat ze MIJ ziet en niet die ziekte! Àls we ergens lopen, zegt ze vaak: "Ìk zie jóú en wat voorbijgangers zien, moeten ze zelf maar weten! Dat is hùn probleem!" Tsja..zelfs al zou ik het willen...wat kun je dáár nou tegenin brengen?! En bovendien heb ik enkele goede vrienden, die weten hoe de vork in de steel zit...


Door de jaren heen ga je natuurlijk ook allerlei smoesjes en trucjes bedenken. Zo heb ik bijv. geleerd dat jeuk (mits niet te erg) ook goed te bestrijden is met ...stenen. Gladde, niet al te grote veldkeitjes (die bijv. vaak om tuinvijvers heen liggen) die je in de koelkast legt. Die droge koelte werkt op dat moment onmiddelijk heel rustgevend. De jeukplek wordt door die kouwe steen gekoeld en komt daardoor direct tot rust.

Een andere methode, die ik toepas (als ik er aan denk), is: op het moment dat ik besef dat ik aan het krabben ben, direct opstaan en iets inspannends doen. Bijvoorbeeld de trap op en af rennen, fietsen, heen en weer lopen, of wat dan ook...àls het m'n gedachten maar bezighoudt. Een ander foefje, dat ik wel eens gebruik, is iets in m'n handen pakken en daar iets mee doen. Bijvoorbeeld een zg. stressbal, waar ik dan een poosje in knijp. En natuurlijk schrijven! Dàt is voor mij al m'n hele leven dè grote uitlaatklep..

Tot zover.

Nu weet je een beetje welke aandoening ik heb en wat die met mij kan doen.
Heb je het zelf ook, of ken je iemand in jouw omgeving die het heeft en wil je er wel wat meer over weten? Kijk dan ook eens op de website van de 'VMCE'. Dat is de Vereniging voor Mensen met Constitioneel Eczeem.

Voor nu:


God's rijke zegen,


Sebo Hilberts

Slapen is een behoorlijke klus: je moet er de hele dag voor wakker blijven.